Vragen informatieavond

Tijdens de eerste digitale informatie avond van inwoners van de gemeente Venray op 19 november j.l. zijn diverse vragen genoteerd. Deze vragen en antwoorden kunt u hier teruglezen en inzien. Mist u een vraag? Bekijk hier alle andere veelgestelde vragen of neem contact op.

Het doel is om in 2030 70% van onze elektriciteit uit hernieuwbare bronnen te laten komen. Deze afspraak is vastgelegd in het klimaatakkoord. Om dit doel te realiseren dienen we te verduurzamen, dit gebeurt groot- & kleinschalig. Grootschalig winst op het gebied van groene stroom opwekken, kan door het realiseren van zonneweides- & windparken. Enkel zonneparken bouwen is niet genoeg; een zonnepark levert enkel significant elektriciteit op wanneer de zon schijnt (overdag in de warmere maanden), en een windpark kan vaker energie opwekken. Simpelweg omdat het vaker waait overdag en ook ‘s nachts. Daarnaast wisselen wind en zon elkaar over het algemeen goed af, waardoor opwek van wind zorgt voor een stabiele productie van duurzame energie.

Om deze landelijke, nationale en lokale energiedoelstellingen te behalen, is er dus zonne energie én windenergie nodig. 

Stel dat een lokaal windpark haalbaar en wenselijk is, dan zijn dit de voordelen: 

  • Stel dat er drie windmolens komen, kan er voor minimaal 12.000 en maximaal 24.000 huishoudens in Venray groene stroom geproduceerd worden;
  • We leveren met zijn allen een grootschalige bijdrage aan de energiedoelstellingen voor de gemeente Venray;
  • Door middel van lokaal eigenaarschap delen wij ook de baten met inwoners en grondeigenaren; 
  • Een windpark neemt relatief weinig ruimte in (t.o.v. een zonneweide)

Stel dat een lokaal windpark haalbaar en wenselijk is, dan zijn dit de nadelen: 

  • Direct omwonenden kunnen overlast ervaren, zoals geluidshinder en slagschaduw; mocht de overlast te hoog worden, kunnen windmolens stilgelegd worden; 
  • Verandering in het landschap; niet iedereen vindt een windpark of een bepaalde opstelling van windmolens, een mooi gezicht.

Voorbeelden over andere windparken in de provincie Limburg staan hier uitvoerig beschreven.

Bekijk hier de kaart van het aantal windmolens in Nederland. In de provincie Limburg lopen momenteel de volgende projecten (bron: website Provincie Limburg, data van januari 2019). Inmiddels zijn er nog meer ontwikkelingen gaande op het gebied van windenergie.

Hoe hoog de turbines exact worden is nog onbekend. Wat wel bekend is, zijn de hoogtes van windturbines in naastgelegen windparken. 

  • In Windpark Weert staan er drie windmolens met een masthoogte van 130 meter en wieken van 70 meter;
  • In Windpark Neer staan vier windmolens met een masthoogte van 98 meter en wieken van 82 meter; 
  • Windpark Greenport Venlo bestaat uit negen windturbines met een ashoogte van maximaal 140 meter en wieken waarvan de afmeting varieert tussen de 122 en 142 meter;
  • In Windpark Ospeldijk komen vier windmolens met een masthoogte van 135 meter.

Windmolens worden steeds hoger; zo zijn de turbines in windpark Neer (gebouwd in 2012) kleiner dan nieuwere of nog te bouwen, windparken. De reden hiervoor is dat hoe hoger de windturbines en hoe langer de wieken, hoe meer wind er opgevangen wordt, hoe meer energie er opgewekt kan worden.

De technische ontwikkelingen op het gebied van windmolens gaan hard; zo worden de windmolens steeds geluidsarmer en komen er steeds meer opties om de effecten op de leefomgeving te beperken. 

Slagschaduw kan het effect hebben dat het lijkt op een stroboscoop wanneer de slagschaduw zich voordoet in een woonkamer. Voor een eventueel windpark zal er voldaan dienen te worden aan de wettelijke normen omtrent slagschaduw. Als slagschaduw meer optreedt dan de norm dan moet er een stilstandregeling getroffen worden tot er voldaan wordt aan de wettelijke normen. Kortom, slagschaduw zal nooit meer plaatsvinden dan wettelijk bepaald is. Daarnaast zal er met de plaatsing van de turbines het slagschaduw effect zo beperkt mogelijk gehouden worden. Wat de precieze effecten zijn, zijn op voorhand nog niet te bepalen. Zie de website van RVO voor de normen.

Hoe groot het oppervlakte beslag (dus het aantal meter meters van de voet van de windturbine) exact is hangt af van het type windmolen. De nieuwste types windmolens hebben nu een oppervlakte beslag van ongeveer 1.000m2. Hieronder is een overzicht van 1TWh aan opwek en de benodigde oppervlakte die daarbij hoort voor zowel zon en wind (NWEA).

De beperkingen van de bouwhoogte bestaat uit twee onderdelen:

  • Defensieradar
  • Normhoogte Gebieden vliegveld

De defensieradar staat beschreven op deze website: Radar bij windprojecten | RVO.nl. Deze radars zijn opgesteld voor de nationale veiligheid. Opstellingen van windenergie zal altijd door TNO getest moeten worden. Zolang er geen opstelling is kan er nog niet met zekerheid gezegd worden of er een nadelig effect is de defensieradar. De norm is dat er altijd door een minimale radar detectiekans is van 90%. Wanneer de windturbine opstelling er voor zorgt dat er minder dan 90% detectiekans is zullen maatregelen vereist zijn.

Daarnaast zijn er normhoogtes voor in de in uitvliegroutes (funnels) van vliegvelden. In de afbeelding hieronder (TNO, p27) staan de hoogtebeperkingen van 300 (rood) en 500 (blauw) voet opgenomen. Een groot deel van Venray valt onder deze beperkingen waardoor windenergie daar niet mogelijk is. Dit is ook opgenomen in het KODE Venray (zie hoofdstuk 5, KODE Venray).

 

Mocht er een lokaal windpark komen, kunnen direct omwonenden, nadat het park gerealiseerd is, een financiële vergoeding krijgen. Dit ligt aan het effect wat het windpark heeft op uw woning. Hoe dichter uw woning bij de windmolen staat, hoe hoger de vergoeding kan zijn. Deze vergoeding gaat naar de woningeigenaar op dat moment. Gaat u daarna verhuizen, krijgt de nieuwe eigenaar geen vergoeding. (De nieuwe eigenaar is dan op de hoogte van de locatie van de windmolens en kiest zelf deze locatie uit, dit in tegenstelling tot de huidige bewoners).

Dit is een vraag die ingaat op politieke keuzes. De Duitse normen gelden niet voor windparken in Nederland waardoor de 1km norm geen effect heeft op afstanden die in Nederland gehanteerd moeten worden. Bij de realisatie van een mogelijk windpark zal er altijd gekeken worden naar de geldende regels in de Nederlandse wet, daarnaast zal er gestreefd worden naar optimale plaatsing met zo min mogelijk effecten op de leefomgeving.

Er is een kans dat je dan te dicht bij plekken komt waar mensen lang verblijven. Zoals kantooronderdelen van een bedrijventerrein. Windturbines mogen niet met hun invloedssfeer over dat soort objecten vallen. En meestal zijn bedrijventerreinen vrij verdicht waardoor er sowieso weinig plekken zijn en dan ook nog eens veel belemmeringen kantoorfuncties. En de belangrijkste reden: het bedrijventerrein valt onder de 500 voet hoogtebeperking van de vliegvelden.